Wapen:
Wapen van gemeente Den Haag
Provincie:
Burgemeester:
Dhr. Jozias van Aartsen
Oppervlakte:
98 km²
Inwoners:
520.700
Gemeentehuis:
Spui 70, 2511BT, Den Haag
Postbus:
Postbus 12600, 2500DJ, Den Haag
Telefoon:
E-mail:
Website:

Plaatsen in Den Haag

Postcodes in Den Haag

Over de Gemeente Den Haag

Den Haag is de hoofdstad van de provincie Zuid-Holland, en met 515.880 inwoners de op twee na grootste gemeente van Nederland, na Amsterdam en Rotterdam. De gemeente behoort tot het Stadsgewest Haaglanden, en deze agglomeratie telt 1.088.508 inwoners. Tezamen met Stadsregio Rotterdam vormt Stadsgewest Haaglanden de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, de 213e geürbaniseerde agglomeratie in de wereld. Deze regio maakt weer deel uit van de Randstad.

De Nederlandse regering en het parlement zijn in de stad gevestigd, en het is de residentie van het koninklijk huis. Al is Den Haag niet de hoofdstad van Nederland, het vervult voor een belangrijk deel de rol die meestal aan een hoofdstad voorbehouden is. Zo staan bijna alle ambassades en ministeries in Den Haag. Daarnaast is de stad standplaats van vele nationale en internationale rechtscolleges, waaronder het Internationaal Gerechtshof, en het Internationaal Strafhof, wat Den Haag tot een vooraanstaande vestingsplaats van de Verenigde Naties maakt, tezamen met New York, Wenen, Genève en Nairobi.

Naam en Status

Naamgeving
Vanouds werd de plaats Die Haghe of Den Hag(h)e genoemd. Vanaf het begin van de 17e eeuw gebruikte het stadsbestuur officieel de naam 's-Gravenhage, die deftiger klinkt en een samentrekking is van 'des Graven ha(a)ge' (waarschijnlijk werd het toen al opgevat als de Haag (= het bos) van de Graaf van Holland). De oude naam Den Haag bleef in de volksmond bestaan.

Sinds 1990 gebruikt de gemeente consequent de naam Den Haag in plaats van 's-Gravenhage, mede in verband met de internationalisering van de hofstad, haar huidige status van mondiaal justitieel centrum (met o.a. het Internationaal Gerechtshof en het Internationaal Strafhof), en om aan te sluiten bij buitenlandse benamingen als The Hague (Engels), La Haye (Frans), L'Aia (Italiaans), Den Haag (Duits) en La Haya (Spaans). In paspoorten/identiteitskaarten en officiële stukken van de gemeente staat echter altijd 's-Gravenhage, nadat in 1990 een voorstel om de gemeentenaam officieel in Den Haag te veranderen was afgewezen. De telefoondienst en de posterijen gebruiken eveneens 's-Gravenhage. De spoorwegen en de ANWB gebruiken de kortere naam Den Haag. In de BAG staat de woonplaatsnaam 's-Gravenhage (woonplaatscode 1245). De woonplaats 's-Gravenhage omvat het gehele grondgebied van de gelijknamige gemeente.

De naam 'Den Haag' wordt gebruikt in een figuurlijke betekenis voor de Nederlandse overheid en het parlement. In zijn verkleinvorm kan 'Den Haag' ook een archetype zijn: het Haagje wordt wel gebruikt voor een 'deftig' aandoende plaats of een die met het Oranjehuis geassocieerd wordt. Zo wordt Breda het Haagje van het Zuiden genoemd, Arnhem het Haagje van het Oosten, Roermond het Haagje van Limburg en het Friese Haagje is een bijnaam van Heerenveen.

Den Haag was vanouds de plaats waar in de Nederlandse koloniën werkzame Nederlanders hun langdurig verlof plachten door te brengen. Na de onafhankelijkheid van Nederlands-Indië zijn veel Indische Nederlanders in Den Haag gaan wonen, vandaar de bijnaam De Weduwe van Indië.

De ooievaar
1rightarrow blue.svg Zie Wapen van Den Haag voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Het symbool van Den Haag is de ooievaar. Al in de 14e eeuw komen in grafelijke rekeningen posten voor ten behoeve van herstel van ooievaarsnesten, maar pas in de 16e eeuw toont het wapen van Den Haag de ooievaar. De op dit moment oudste afbeelding van de ooievaar in het Haagse wapen staat op de luidklok Jhesus van de Grote of St. Jacobskerk, die in 1541 is gegoten. Na 1586 tonen ook de lakzegels van Den Haag een ooievaar met een paling in de bek. Het huidige wapen van Den Haag toont nog steeds de ooievaar met een paling.

Stad of dorp?
Den Haag heeft van oudsher nooit stadsrechten gehad. Desondanks kreeg het al in de middeleeuwen bestuurlijke instellingen die alleen in steden voorkwamen. Prins Maurits had al vergevorderde plannen om van Den Haag een vestingstad te maken, maar de Staten Generaal zagen dit als een aantasting van de onafhankelijkheid van het bestuurscentrum van de zeven provinciën. Den Haag kreeg in 1806 van koning Lodewijk Napoleon en in 1810 van keizer Napoleon de eretitel stad. Dit gaf toen geen bijzondere rechten meer, want het stadsrecht was al in 1798 tijdens de Bataafse Republiek afgeschaft.

Lang voor die tijd had Den Haag al bijzondere privileges ontvangen die Den Haag bestuurlijk het karakter van een stad gaven. Het waren echter de overige steden die voorkwamen dat Den Haag, als zelfstandige stad, zitting kon nemen in het bestuur van het gewest Holland. Ook op andere terreinen had Den Haag de kenmerken van een stad:

Den Haag had (sinds 1370) een eigen rechtbank en mocht eigen keuren (verordeningen) vaststellen;
Den Haag had (sinds 24 augustus van hetzelfde jaar) burgers, in het algemeen werd de term burger enkel gebruikt in samenhang met steden.
Den Haag had een typisch stedelijk bestuur, met burgemeesters (sinds 1559), een secretaris (pensionaris) en een vroedschap (sinds 1451);
Den Haag had twee eigen schutterijen: het Sint-Jorisgilde (sinds de 14e eeuw) en het Sint-Sebastiaansgilde (sinds de 15e eeuw);
Den Haag had stedelijke rechten op economisch gebied: een jaarmarkt (sinds 1334), tolvrijheid (1373), gilden, een lakennijverheid, bierbrouwerijen en andere typisch stedelijke nijverheid;
Den Haag heeft met de Grote of Sint Jacobskerk sinds de 14e eeuw een stadskerk en geen dorpskerk.
Het wettelijke verschil tussen stad en platteland is na de grondwet van 1848 en de Gemeentewet van 1851 komen te vervallen.

Geschiedenis

In het Haagse gebied woonden al vroeg mensen, lang voordat er sprake was van een dorp met de naam Den Haag. De oudste archeologische vondsten gedaan in de omgeving van het Binnenhof dateren uit circa 3000 v.Chr.; zo werd in 1912 bij de bouw van Hotel Central aan de Lange Poten, nu onderdeel van het Tweede-Kamercomplex, een gave vuurstenen vuistbijl gevonden, waarvan de gebruikers ingedeeld kunnen worden bij de Vlaardingencultuur.

In de 2e eeuw na Chr. lag er in de duinen aan de zuidrand van de stad een Romeins fort met bijbehorende nederzetting, de zogenaamde Vicus van Ockenburgh. Hier zijn al vanaf de jaren 20 opgravingen verricht.

Het huidige Den Haag bestaat sinds 1230, toen graaf Floris IV van Holland op de plek waar reeds een hofstede stond van Vrouwe Meilindis van Wassenaer een bescheiden kasteel bouwde. In 1248 liet graaf Willem II, tevens Rooms koning geworden, een meer passend kasteel bouwen aan een duinmeer, de huidige Hofvijver. Zijn zoon Floris V zorgde er na Willems vroegtijdige dood voor dat de Ridderzaal voltooid werd. De Ridderzaal en het Binnenhof werden versterkt, maar het dorp eromheen kreeg nooit stadsrechten, al bleef Den Haag residentie van de graven van Holland en hun opvolgers. Den Haag kon groeien als compromis tussen de Hollandse steden, maar diezelfde steden zorgden ervoor dat Den Haag geen vestingstad werd.

In 1528 werd Den Haag overvallen door de Gelderse veldheer Maarten van Rossum, die de nederzetting buiten het grafelijk kasteel brandschatte, waardoor de brandstichting werd afgekocht. Ook tijdens de beginjaren van de Tachtigjarige Oorlog werd Den Haag genadeloos geplunderd en raakte het nagenoeg ontvolkt. De stad was het Spaanse hoofdkwartier tijdens het Beleg van Leiden.

Al zeker sinds circa het begin van de 15e eeuw telde Den Haag enkele duizenden inwoners, waardoor het in feite eerder een stad dan een dorp was. Een stad placht in die tijd echter een zeer verregaande mate van zelfbestuur te hebben en de graven van Holland (en later hun opvolgers, de hertogen van Bourgondië en de Habsburgers) verkozen het om het in hun eigen residentie zelf voor het zeggen te hebben. Vanaf 1585 zette de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden deze praktijk voort, omdat Den Haag de plaats was waar het hoogste regeringsorgaan, de Staten-Generaal, resideerde. Ook was het stadhouderlijk hof daar gevestigd. Aanvankelijk had het er in de jaren 1580 nog om gespannen of het verwoeste Den Haag weer zou worden opgebouwd: de machtige stad Delft wilde in haar directe omgeving de opkomst van een gevaarlijke rivaal liever verhinderen, mede omdat deze stad wenste dat de Staten-Generaal zich blijvend in Delft zou vestigen. Uiteindelijk werd toch tot wederopbouw besloten, en de Staten-Generaal vestigden zich, na onder andere Middelburg, in 1585 definitief te Den Haag.

In 1622 telde Den Haag 16.000 inwoners. In de 17e eeuw werd Den Haag omgeven door grachten, die door stadhouder prins Maurits als aanzet tot volledige vestingwerken waren aangelegd, maar van de geplande echte verdedigingswerken kwam verder niets. Aan het eind van de 18e eeuw was het bevolkingsaantal opgeklommen tot ongeveer 40.000, waarmee dit "dorp" de op twee na grootste nederzetting van Nederland was geworden (na Amsterdam en Rotterdam). Door de aanwezigheid van het stadhouderlijk Hof, de Staten-Generaal en buitenlandse diplomaten en (buitenlandse) adel had Den Haag een veel aristocratischer karakter dan de meeste andere Nederlandse steden. Er was een groot contrast tussen de aristocratische wijk rondom het Binnenhof en Voorhout en de meer volkse delen van het "dorp".

Pas in 1806, onder Frans bewind, kreeg Den Haag zijn stadsrechten, maar in die tijd was een vestingmuur eerder een keurslijf dan een voordeel: Den Haag bleef zonder omwalling en kon zich op ruime schaal uitbreiden. Onder het Koninkrijk der Nederlanden, ontstaan in de jaren 1813-1815, bleef Den Haag de vestigingsplaats van regering en parlement (de moderne Staten-Generaal). Na 1850 begon de stad zich uit te breiden buiten de 17e-eeuwse grachtengordel. Het inwonertal was toen ruim 70.000.

Bestand:Den Haag bouwt op.ogg
Tentoonstelling over de wederopbouwplannen in het Gemeentemuseum in 1946
Omstreeks 1870 zou het aantal van 100.000 worden gehaald, en rond 1900, in de fin de siècle-tijd van Louis Couperus, telde de stad ongeveer 200.000 inwoners. Ten zuiden van de oude binnenstad ontstonden toen dichtbevolkte arbeiderswijken zoals het Laakkwartier en de Schilderswijk, terwijl tegen de duinkant nieuwe wijken voor de meer gefortuneerde burgers gebouwd werden, zoals het Statenkwartier, Duinoord en de Archipelbuurt. In die tijd speelde Den Haag ook in kunstzinnig opzicht een belangrijke rol vanwege de schilders van de Haagse School. In 1873 werd op het Lange Voorhout waarschijnlijk het eerste Haagse riool aangelegd, de putdeksel werd gemaakt door ijzergieterij de Prins van Oranje.

In 1899 vond in Den Haag de Eerste Haagse Vredesconferentie plaats, die leidde tot de oprichting van het Permanent Hof van Arbitrage, dat in Den Haag gevestigd werd. Tussen 1907 en 1913 werd het Vredespaleis gebouwd, waarin dit Hof zou zetelen. Tevens werd later het Internationaal Gerechtshof in het Vredespaleis gevestigd.

Tegen het eind van de Tweede Wereldoorlog, op 3 maart 1945, kwamen tijdens het bombardement op Bezuidenhout 510 mensen om het leven. Het bombardement werd uitgevoerd door de Geallieerden en had als doel de vernietiging van de mobiele V2-lanceerinrichtingen van de Duitsers.

Op 29 oktober 1983 demonstreerden ruim 550.000 mensen vreedzaam tegen de plaatsing van kruisraketten in Nederland en tegen de kernbewapening in het algemeen. Het is het grootste straatprotest ooit dat in Nederland gehouden werd.

In de 20e eeuw heeft Den Haag gebieden geannexeerd wegens ruimtegebrek. De voormalige gemeente Loosduinen werd in 1923 als eerste samengevoegd met Den Haag. Dit beleid werd in de 21e eeuw voortgezet: met ingang van 1 januari 2002 werden de nieuwbouwwijken Leidschenveen en Ypenburg als gevolg van grenscorrecties toegewezen aan Den Haag, dit ten koste van de (toenmalige) gemeenten Leidschendam, Nootdorp, Rijswijk, Voorburg en Pijnacker.

Rechtspraak

De naam van de stad is verbonden aan nationale en internationale rechtscolleges, zoals de Hoge Raad, het Internationaal Gerechtshof van de VN, de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens en het Internationaal Strafhof. Verschillende academische instituten op het gebied van internationale relaties, internationaal recht en internationale ontwikkeling zijn verenigd in de Hague Academic Coalition. Den Haag is net als New York, Genève, Wenen en Nairobi een belangrijke VN-stad. Als erkenning van de rol die Den Haag al ruim 100 jaar speelt op het gebied van internationaal recht en vredespolitiek is het de gemeente per koninklijk besluit toegestaan om vanaf 27 september 2012 het motto "vrede en recht" toe te voegen aan het gemeentewapen. Het is voor het eerst sinds 2008 dat een motto wordt toegestaan.

Demografie

Naast Hagenaar kan een inwoner van Den Haag ook Hagenees worden genoemd. Met deze informele term worden personen aangeduid die geboren en getogen zijn in Den Haag en daar bij voorkeur ook nog wonen. Een Hagenaar kan ook iemand zijn die niet geboren en getogen is in Den Haag, maar daar wel woont. Hoewel het woord Hagenees niet per se een negatieve connotatie heeft, zal lang niet elke inwoner van de stad er prijs op stellen als Hagenees te worden aangeduid. Een andere definitie is dat Hagenezen de mensen zijn die plat Haags praten, terwijl Hagenaars de mensen zijn die voornaam Haags spreken.

Het klassieke verhaal wil dat er een scheiding is tussen Hagenaars die op zand wonen en de Hagenezen die op veen wonen. Den Haag is deels gebouwd op zandduinen, waarvan de grens met de veengebieden ongeveer gelijk loopt met de Laan van Meerdervoort. Wijken zoals Laakkwartier, Schilderswijk en Escamp zijn gebouwd op veengrond. Als je geboren bent op 't zand, ben je een Hagenaar, ben je geboren op 't veen, dan ben je een Hagenees.

Bevolkingssamenstelling
Den Haag telde op 1 september 2011 500.000 inwoners en is daarmee de derde stad van Nederland. Bijna de helft van de inwoners is allochtoon (westers en niet-westers). Het aandeel allochtone - ten opzichte van autochtone - inwoners neemt gestaag toe. In de Schilderswijk en het Transvaalkwartier ligt het percentage allochtonen sinds 2005 dicht bij de 100%. Ook in de wijken Groente- en Fruitmarkt, Laakkwartier en de Stationsbuurt wonen meer allochtonen dan autochtonen. De samenstelling van de allochtone bevolking verschilt per buurt. De buurten met de minste allochtonen - waarbij ook westerse allochtonen worden meegerekend als allochtoon - in Den Haag zijn Duindorp, Kijkduin, Kraayenstein en de Vogelwijk.

De wijken met de laagste inkomens per hoofd van de bevolking zijn de Schilderswijk, het Transvaalkwartier en Laakkwartier en Spoorwijk (alle 9.000,- of lager). De wijken met het meeste inkomen per hoofd van de bevolking zijn Benoordenhout, Haagse Bos (alhoewel deze wijk nog geen 300 inwoners heeft en we mogen aannemen dat het inkomen van de koning die er ook woont niet meegenomen is in deze statistiek) en Westbroekpark/Duttendel (alle 19.000,- of hoger).

Grachten

Zoals ook andere steden in Nederland had Den Haag vroeger veel grachten, ook wel ruien genoemd. Zij dienden voor de scheepvaart, maar ook als riool. Al omstreeks 1350 was Den Haag via de Vliet verbonden met Delft, en in 1619 was de grachtengordel om Den Haag klaar. In 1900 werd de Laakhaven aangelegd, die uitgroeide tot de zesde binnenhaven van Nederland.

Naarmate de bevolking groeide, gingen de grachten steeds meer stinken. De rijken hadden huizen buiten de stad om 's zomers de stank te ontvluchten, maar de meeste mensen leefden in de stad. Er waren regelmatig epidemieën. In de 19e eeuw worden de eerste rioleringen aangelegd, en veel grachten overkluisd of gedempt. Een groot probleem in Den Haag was, dat het grachtwater niet kon worden afgevoerd naar de zee. Het Verversingskanaal werd aangelegd naar de Noordzee, maar de Koninginnegracht is nooit tot aan de zee doorgetrokken.

Laat in de 20e eeuw is men in verschillende steden begonnen met het maken van plannen om meerdere oude grachten in ere te herstellen, het zogeheten grachtenplan. Ook is het sinds 2003 mogelijk om een rondvaart door de grachten van Den Haag te maken en door onder andere de Avenue Culinaire en de andere Haagse wijken te varen.

Parken en Natuur

Den Haag is voor een stad zeer rijk aan natuur. Binnen de gemeentegrens ligt een omvangrijk, ruigbegroeid duingebied, met daarlangs een breed, natuurlijk zandstrand van bijna tien kilometer lang. Verspreid door de stad liggen enkele grotere en kleinere parken, zoals het Rosarium, St. Hubertuspark, Marlot, de Paleistuin, Wapendal, de Bosjes van Pex, het Westbroekpark en het Zuiderpark. Er liggen verscheidene oude landgoederen en bossen, deels op een steenworp van het stadshart: het 120 hectare grote Haagse Bos en Arendsdorp, beide daterend uit de 17e eeuw.

De meeste andere landgoederen liggen, soms aaneengesloten, aan de rand van de stad, waar ze een omvangrijke groene gordel vormen die aan de noordkant overgaat in de nog groenere gemeente Wassenaar. Dat zijn onder meer Bloemendaal, Clingendael, Duindigt, Duinweide, Meer & Bos, Ockenburgh, Oostduin, Oosterbeek, Reijgersbergen en Sorghvliet. Tussen Den Haag en Scheveningen liggen de Scheveningse Bosjes en het Nieuwe Scheveningse Bos van samen 116 hectare, vanouds een ongerept duingebied, dat vanaf ongeveer 1700 geleidelijk beplant is om zandverstuiving tegen te gaan.

De lommerrijke straten in het centrum: Lange Voorhout en de Lange Vijverberg, gelegen aan de Hofvijver, dragen bij aan de ruime en groene indruk die Den Haag in sommige delen maakt.

Gastronomie

Den Haag wordt ook wel de culinaire hoofdstad van Nederland genoemd. De voornaamste reden hiervoor is dat de Nederlands-Indische keuken, ook wel de tweede nationale keuken van Nederland genoemd, hier het meest wordt geprofileerd. In Den Haag bevinden zich de oudste Indonesische restaurants van Nederland: Tampat Senang (1922, in 1905 begonnen als 'Oost en West'), Garoeda (1949) en Sarinah (1973).

Dat ook Den Haag grachten heeft, is te zien aan de Bierkade. Vroeger losten vrachtschepen hier hun lading. Tegenwoordig fungeert de kade als jachthaven en wordt ze ook wel de Avenue Culinaire genoemd, een poging van de gemeente Den Haag en Stichting City Mondial om deze buurt wat op te fleuren. Inmiddels hebben zich enkele restaurantjes in de voormalige pakhuizen gevestigd.

Economie

De meeste werkgelegenheid in de stad, voor 26% oftewel 56.000 personen in 2006, wordt geboden door de overheid en internationale organisaties. Grote werkgevers uit deze sector zijn onder andere de gemeente Den Haag en de ministeries van Defensie, Justitie, VROM, Buitenlandse Zaken, Binnenlandse Zaken en Verkeer en Waterstaat.

Andere belangrijke sectoren in de stad zijn de zakelijke dienstverlening met 19% van de werkgelegenheid, de gezondheidszorg met 14%, vrijetijdseconomie met 10%, kleinschalige industrie en groothandel met 10%, en de TMT (technologie, Media en Telecom) sector met 10%. De 10 grootste commerciële werkgevers zijn goed voor 11% van de werkgelegenheid: KPN, ING Bank, PostNL, T-Mobile, HTM, AEGON, Siemens, Ahold en Shell.

Video's over Den Haag