Wapen:
Wapen van gemeente Elburg
Provincie:
Burgemeester:
Dhr. Frans de Lange
Oppervlakte:
66 km²
Inwoners:
23.000
Gemeentehuis:
Zuiderzeestraatweg Oost 19, 8081LA, Elburg
Postbus:
Postbus 70, 8080AB, Elburg
Telefoon:
Website:

Plaatsen in Elburg

Postcodes in Elburg

Over de Gemeente Elburg

Elburg is een gemeente in Nederland. De gemeente is gelegen in de provincie Gelderland, aan het Veluwemeer en het Drontermeer. Elburg werd op 1 januari 1974 vergroot door gedeeltelijke annexatie van de voormalige gemeente Doornspijk en een grenscorrectie met de gemeente Oldebroek. De hoofdplaats van de gemeente is Elburg. Andere kernen binnen de gemeente Elburg zijn 't Harde en Doornspijk alsmede buurtschap Hoge Enk en voormalige buurtschap Oostendorp, dat inmiddels aan Elburg is vastgegroeid. Het gemeentehuis, dat eeuwenlang was gevestigd in de oude binnenstad, staat nu in de wijk Oostendorp.

Geschiedenis

De geschiedenis van Elburg gaat ver terug. Het eerst geschreven bericht dateert uit 796 na Chr. In de 13e eeuw kreeg Elburg stadsrechten. Landbouw, visserij en de handel nam een belangrijke rol in in de middeleeuwen.

rachtig gelegen aan de randmeren, vlak bij de nieuwe polder Oostelijk Flevoland, ligt tussen Zwolle en Harderwijk één van Nederlands meest bezienswaardige oude stadjes: Elburg.

Omringd door prachtige wallen, visrijke grachten en brokkelige stukken stadsmuur ligt daar het oude plaatsje waarvan gelukkig nog zoveel is bewaard gebleven. Veel van de straten en steegjes ademen nog de sfeer der middeleeuwen, het tijdperk waarin Elburg is geworden tot wat het naar de vorm ook nu nog is. Prachtige geveltjes, zwijgende ambassadeurs van vermaarde bouwstijlen, niet om gemotoriseerd langs te razen, maar gebouwd voor de voetganger met gevoel voor harmonie. Gebouwd voor de mens die nog tijd heeft om te kijken en zich te verwonderen over de lijnrechte straten, over de trottoirs die zijn opgebouwd uit zwarte en witte steentjes die te zamen figuren vormen die iets te zeggen hebben over de symboliek uit vroegere tijden of over het beroep dat de eigenaar ervan uitoefende of soms nog uitoefent. Gebouwd voor hen die nog tijd hebben om zich een beetje gelukkig te voelen bij het zien van rijk geornamenteerde deuren en fraaie gevels, bij het zien van een statige Vispoort, schitterende doorkijkjes en intieme hofjes; kortom voor hen die zich er over verheugen dat er nog zoveel te zien is in de oude kern van Elburg.

De geschiedenis van Elburg gaat zeer ver terug in het verleden. Over de allereerste bewoners van de streek kunnen we alleen maar vermoedens hebben, omdat daarvan alleen summiere sporen zijn gevonden. Scherven van vuursteen die misschien eens zijn gebruikt als werktuigen. Ook zijn er verhalen over een beeldje van de god Tor dat in de omgeving van de Kerkdijk zou zijn gevonden.

Er zijn gissingen, overgeleverde namen en scherven van aardewerk die suggereren dat er ooit Romeinen hun legerkamp in de buurt van Elburg zouden hebben opgeslagen. Maar het eerste geschreven bericht waarin de naam Doornspijk wordt genoemd (en Elburg heette vroeger ook zo) dateert uit 796 na Chr. Zoals echter overal het geval is in ons land, zijn er ook over de nederzetting die later de stad Elburg zou worden, uit de vroege middeleeuwen weinig vaststaande gegevens overgeleverd. Ook over de oorsprong van de naam Elburg is niets met zekerheid bekend. Wel zijn er ongeveer 20 meer of minder aardige verklaringen voor. In ieder geval was Elburg in het begin van de l3e eeuw een zo belangrijke nederzetting dat graaf Otto II van Gelre er in 1233 stadsrechten aan verleende. Het was geen toeval dat juist Elburg naast andere plaatsen zoals Zutphen, Harderwijk en Arnhem, stadsrechten kreeg.

De kruistochten haalden in deze periode Europa uit zijn isolement. Vooral ook economisch. De welvaart nam toe en als gevolg daarvan ook de plaats van de geldhuishouding en een verhoging van het levenspeil. Deze toegenomen welvaart stelde onder andere de handwerkslieden in staat zich een stukje vrijheid te verwerven door met geld een aantal diensten af te kopen. De graven van Gelre zagen daarin hun kans om samen met de opgekomen derde stand de macht van de adel te besnoeien. Dat deze zich daar niet voetstoots bij neerlegden, bewijzen de euveldaden van de bewoners van het kasteel Old Putten bij Elburg wel. Herbert van Putten liet zelfs in 1373 nog honend het volgende geschrift op één der poorten van Elburg plakken: Die van Campen doen ons nyet, Die van Harderwijk hebben den moet nyet, Die van Elburg hebben het goet nyet, Gods vryent, allemans vyandt.

Naast de landbouw en de visserij (reeds in 1313 wordt melding gemaakt van een vissende inwoner van Elburg) nam zeker ook de handel een belangrijke plaats in onder de bestaansmiddelen van de Elburgers in de middeleeuwen. Over het algemeen stelt men zich van deze handel niet al te veel voor. Nederland schijnt echter in voor-historische tijden al een aanzienlijke handel te hebben gehad, die na een tijdelijke inzinking door de opkomst van de Islam tijdens en na de kruistochten weer opbloeide, evenredig aar de bloei van de bevolking. Ook Elburg heeft hierin zijn deel gehad. Reeds in 1332 dreef de stad handel op het Oostzee-eiland Schoonen.

In 1367 treffen we de stad voor het eerst aan als Hanzestad, waarna in 1368 koning Albert van Zweden aan Elburg het recht verleende tot het stichten van een eigen vitt of factori: op Schoonen. Aan het hoofd hiervan stond een door de stad Elburg aan te stellen voogd. In de 14e eeuw kreeg ook de landbouw een vaste basis.

In 1336 werd door graaf ReinaId III een stuk grond, het Goor geheten en gelegen ter zuiden van de stad, tegen een geringe en vrijwel verwaarloosbare pacht aan de poorters en grondeigenaren van Elburg uitgegeven. Hiervan wordt tot op de dag van vandaag gebruik gemaakt. In 1369 werd definitief het recht van de veehoudende burgers van Elburg op de Mheen geregeld een weide ten noorden van de stad. Ook van dit weiderecht wordt nu nog steeds gebruik gemaakt.

Ofschoon voor en tijdens de inpoldering de toekomst somber werd ingezien, is het allemaal nogal meegevallen. Er moest uiteraard worden omgezien naar andere bronnen van inkomsten. Deze werden onder andere gevonden in de industrie welke zich in Elburg vestigde. Ook het toerisme nam van jaar tot jaar toe. Dit laatste is alleszins begrijpelijk gezien het vele natuurschoon dat Elburg de toerist heeft te bieden.

Elburg werd, mede door haar gunstige ligging zowel aan de rand van de Veluwe als aan het Veluwemeer, niet alleen een aantrekkelijke plaats voor toeristen, maar ook een fijne plaats om te wonen en te werken. Er ontstonden nieuwe woonwijken rond de oude veste waaraan 769 jaar geleden stadsrechten werden verleend en die nog steeds een centrale functie heeft behouden.

Video's over Elburg