Wapen:
Wapen van gemeente Heerlen
Provincie:
Burgemeester:
Dhr. Ralf Krewinkel
Oppervlakte:
45 km²
Inwoners:
87.400
Gemeentehuis:
Geleenstraat 25 -27, 6411HP, Heerlen
Postbus:
Postbus 1, 6400AA, Heerlen
Telefoon:
Website:

Plaatsen in Heerlen

Postcodes in Heerlen

Over de Gemeente Heerlen

Heerlen (Limburgs: plaatselijk Heële, elders Haerle of Haelder) is een Nederlandse plaats en gemeente in het zuidoosten van de Nederlandse provincie Limburg. Heerlen is de grootste gemeente in de Oostelijke Mijnstreek.

De gemeente is de vierde in grootte van Limburg, na Maastricht, Venlo en Sittard-Geleen.

Heerlen maakt deel uit van het bestuurlijke samenwerkingsverband Parkstad Limburg. Sedert 2006 heeft deze in oppervlakte relatief kleine stadsregio de bijzondere status van plusregio.

Geschiedenis

In de 19e eeuw was Heerlen een tamelijk geïsoleerd dorp. Hoofdmiddel van bestaan was de landbouw, goede aan- en afvoerwegen ontbraken. Wilde men met de trein reizen, dan moest men eerst te voet naar Simpelveld (aan de spoorlijn Aken - Maastricht) of Sittard (de spoorlijn Maastricht - Venlo) om daar de trein te nemen. Men kon ook met de postwagen gaan naar Valkenburg, Sittard of Aken. Pas in 1896 kwam de spoorlijn Sittard - Herzogenrath tot stand, welke werd aangelegd door de spoorwegbouwer Henri Sarolea, die later met de gebroeders Carl en Friedrich Honigmann de directie zou voeren van de Oranje-Nassaumijnen.

Die spoorlijn was dringend gewenst in verband met de exploitatie van steenkool. In 1894 was al begonnen met de aanleg van de Oranje-Nassaumijn I, 1899?1974, die vijf jaar later in productie ging. Op Heerlens grondgebied kwamen nog drie mijnen: de Oranje-Nassau III (1917?1973) te Heerlerheide, Oranje-Nassau IV (1927?1966) te Heksenberg en Staatsmijn Emma (1911?1973) in Treebeek (destijds grondgebied van de gemeente Heerlen). De bevolking nam in korte tijd explosief toe: van een dorpje met 6646 inwoners in 1900 tot een stad van 32.263 inwoners in 1930. Voor al deze mensen uit binnen- en buitenland moesten huizen, scholen, winkels en een ziekenhuis gebouwd worden, wegen worden aangelegd enzovoorts, en dat alles in zeer korte tijd. Het is daarom niet verwonderlijk dat nog maar weinig historische gebouwen bewaard zijn gebleven. In de grote verandering van dorp tot stad vond men ze niet meer passen in een modern stadsbeeld en dus werden ze gesloopt. Beeldbepalend voor Heerlen in de mijnbouwperiode was de hoogste schoorsteen bij een steenkolenmijn. Deze schoorsteen werd in de volksmond aangeduid als Lange Jan, en was van zeer grote afstand al zichtbaar.

Momenteel herinnert nog maar weinig aan dat steenkool-verleden van de stad. De steenbergen zijn afgegraven en veranderd in woonwijken of parken, de koeltorens en grote schoorstenen zijn verdwenen. Het schachtgebouw van de Oranje-Nassau I is nog het meest in het oog springende en directe overblijfsel. Ook de vele wijken die in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog zijn aangelegd, vormen nog steeds sprekende getuigen van die markante periode uit Heerlens geschiedenis. De enige overgebleven steenberg in originele staat (tevens van heel Nederland) ligt aan de rand van de Brunssummerheide, maar wordt 'bedreigd' met afgraving, omdat er kostbaar zilverzand onder ligt.

Wel zijn nog hier en daar in Heerlen markante gebouwen bewaard gebleven die herinneren aan de tijd dat Heerlen en de Oostelijke Mijnstreek een groeigebied was. In 1935 kwam een zeer befaamd geworden gebouw gereed, het Glaspaleis van opdrachtgever en lokale winkelier Peter Schunck.

Na jaren van verval en restauratie is het Glaspaleis in 2004 weer in gebruik genomen, nu als cultureel centrum. Het gebouw staat midden in de stad, omgeven door de drie centrale pleinen: Bongerd (Markt), Pancratiusplein en Emmaplein. Het is een nationaal monument en volgens een klassering der Union of International Architects een van de duizend belangrijkste 20e-eeuwse gebouwen ter wereld. Daarnaast hebben het gebouw en de restauratie vele onderscheidingen ontvangen. Eén van de aspecten waarin het zijn tijd ver vooruit was is het energiegebruik. Al snel na de ingebruikname bleek dat de geïnstalleerde verwarming zelfs in de winter niet nodig was, omdat het als een broeikas werkt. Destijds was het het symbool van het meegaan van Heerlen in de vaart der volkeren en tegenwoordig is het het symbool van een (gehoopte) wedergeboorte na de bloeitijd van de mijnindustrie.

De massale immigratie in de mijnwerkerstijd heeft ertoe geleid dat de gemeenschap van Heerlen ingrijpend veranderd is. Andere Limburgers merken dit vooral aan de taalsituatie: nergens anders in Nederlands Limburg neemt het plaatselijk dialect zo'n marginale plaats in, al is het Heerlens nog niet verdwenen. Het Nederlands dat er gesproken wordt is echter zeer zwaar door het Limburgs beïnvloed; zie het artikel Heerlens Nederlands.

Indeling

Door de mijnindustrie en de toenemende bevolking zijn in de 20e eeuw tussen de oorspronkelijke dorpskernen vele nieuwe wijken ontstaan. Dit heeft ertoe geleid dat alle plaatsen binnen en rondom de gemeente met elkaar verweven werden. Per 1 januari 1982 werd de gemeente Hoensbroek, waarvan de bebouwing voor een groot gedeelte aansluit op die van Heerlen, bij Heerlen gevoegd. Zij vormt sindsdien een onderdeel van het stadsdeel Heerlen-Noord, waarin al eerder het oorspronkelijke dorp Heerlerheide is opgegaan. Sinds 2002 hebben de plaatsen echter weer hun eigen plaatsnaamborden terug, zo ook Heerlerbaan.

Gemeentewapen

Sinds de samenvoeging met Hoensbroek in 1982 toont het wapen van de gemeente een samenstelling van I (links) de rode leeuw van het oude Hertogdom Limburg in de versie van de heren van Valkenburg (1288?1381), met II (rechts) het gemeentewapen van Hoensbroek, zijnde de zwarte leeuw op een zilveren veld met rode horizontale balken van de familie Van Hoensbroeck, naar wie de voormalige gemeente en het huidig stadsdeel Hoensbroek is genoemd.

Samenwerkingsverbanden

Sinds 1 januari 1982 wordt de huidige gemeente Heerlen gevormd door Heerlen en de voormalige gemeente Hoensbroek. Thans vormt Heerlen samen met Kerkrade, Landgraaf en Brunssum als sterk verstedelijkt gebied een plusregio, waarin in totaal ongeveer 250.000 mensen wonen. De officiële naam van deze stadsregio is "Parkstad Limburg", met daarin ook de meer landelijke gemeenten Voerendaal, Simpelveld en Onderbanken. Heerlen vervult in deze stadsregio een centrumfunctie.

Samen met de gemeenten Maastricht en Sittard-Geleen vormt Heerlen het samenwerkingsverband Tripool Zuid-Limburg. Deze samenwerking is bedoeld om de economische structuur in het gebied Zuid-Limburg te versterken.

Er bestaat ook een grensoverschrijdend regionaal cultureel-economisch samenwerkingsverband, de Euregio Maas-Rijn, waarin de nabije Belgische, Nederlandse en Duitse regio's als vijf partners participeren. In 1991 heeft dit een juridische status gekregen. De Euregio manifesteert zich doordat in de betreffende gebieden vooral veel samenwerking bestaat tussen universiteiten, hogescholen en het bedrijfsleven.

Video's over Heerlen