Wapen:
Wapen van gemeente Hengelo
Provincie:
Burgemeester:
Dhr. Sander Schelberg
Oppervlakte:
62 km²
Inwoners:
81.000
Gemeentehuis:
Burgemeester Jansenplein 1, 7551EC, Hengelo
Postbus:
Postbus 18, 7550AA, Hengelo
Telefoon:
Website:

Plaatsen in Hengelo

Postcodes in Hengelo

Over de Gemeente Hengelo

Hengelo (Nedersaksisch: Hengel) is een plaats en een gemeente in de Nederlandse provincie Overijssel in de landstreek Twente.

De gemeente Hengelo telt 80.990 inwoners op een oppervlakte van 61,78 km². Naast de stad Hengelo omvat de gemeente ook de kernen Beckum en Oele. Ook de buurtschap Woolde, die grenst aan de bebouwde kom van Hengelo, valt onder de gemeente. De gemeente Hengelo werkt samen in de Regio Twente. Hengelo is na Enschede, Zwolle en Deventer de vierde stad van Overijssel. Na Enschede is Hengelo de grootste plaats in Twente. Hengelo wordt vaak gezien als een (voormalige) industriestad. Veel technische industrie is van oudsher gevestigd in Hengelo. In de volksmond wordt Hengelo ook wel aangeduid met de naam 'metaalstad'.

Geschiedenis

Het dorp Hengelo ontstond in het kerspel Delden in de buurschap Woolde rond de Hof (te) Hengelo en de daarbij behorende kapel. Tussen circa 1525-1530 bouwde Fredrik van Twickelo op zijn Hof Hengelo het Huis Hengelo. Dit werd gesloopt in 1821. Momenteel zijn alleen de fundamenten nog zichtbaar.

Hoewel uit archeologisch onderzoek is gebleken dat er op de plaats waar de gemeente zich nu bevindt al een paar duizend jaar bewoning is geweest, is de gemeente Hengelo pas ontstaan in 1811, hoewel het dorp al in 1802 een eigen dorpsbestuur kreeg. Op dat moment bestond het dorp uit niet meer dan een honderdtal boerderijen en kleine landarbeidershuisjes. De gemeente begon pas te groeien tijdens de Industriële revolutie van de negentiende eeuw. Aanvankelijk is er ook in Hengelo nog redelijk wat textielindustrie, maar waar deze zich in de loop van de eeuw steeds meer gaat concentreren in Enschede, komt in het Hengelose economisch leven de nadruk steeds meer te liggen op de technische industrie. Bij dit laatste speelde de familie Stork een grote rol. In 1868 vestigde C.T. Stork een fabriek voor machineonderdelen in Hengelo (Gebr. Stork & co). Na de komst van dit bedrijf volgden andere grote fabrieken als Hazemeyer, Heemaf, Koninklijke Nederlandse Zoutindustrie en Hollandse Signaalapparaten. Door deze ontwikkelingen groeide Hengelo bijzonder snel. Het vroegere dorp kreeg zelfs een stedelijk aanzien.

In de Tweede Wereldoorlog werd Hengelo, vooral vanwege de strategische industrie die er gevestigd was, regelmatig gebombardeerd. Daarbij werd het centrum van de stad op 6 en 7 oktober 1944 zo goed als geheel vernietigd. Na de oorlog kreeg Hengelo het aanzien van een typische wederopbouwgemeente. Veel van de nog aanwezige oude gebouwen werden niet gespaard in de vernieuwingsdrang. Zo verdween het karakteristieke witte gemeentehuis om plaats te maken voor een modern ontwerp met een toren die lijkt op die van Siena en Florence. Een van de opvallendste bouwwerken die de tand des tijds overleefde is de rooms-katholieke Sint-Lambertusbasiliek uit 1890.

In de jaren 90 werden er plannen ontwikkeld om de gemeenten Enschede, Hengelo en Borne samen te voegen tot één gemeente Twentestad. In 2000 werd van dat plan afgezien, vooral omdat een in Hengelo gehouden referendum had uitgewezen dat er zo goed als geen draagvlak onder de plaatselijke bevolking bestond. Sinds 2001 werd intensiever samengewerkt tussen de gemeenten Enschede, Hengelo, Borne en Almelo, als Netwerkstad Twente. De Netwerkstad werkt samen met Münster en Osnabrück in de Stedendriehoek MONT (Münster, Osnabrück, Netwerkstad Twente).

Geografie

De gemeente Hengelo ligt grofweg in het midden van Twente en wordt omringd door de plaatsen Borne in het noordwesten, Deurningen in de gemeente Dinkelland in het noorden, Enschede in het zuidoosten, Haaksbergen in het zuiden en Delden in de gemeente Hof van Twente in het westen. Een gedeelte van het landgoed Twickel ligt binnen de gemeentegrenzen. Naast de hoofdplaats Hengelo, kent de gemeente de kernen Beckum en Oele die beide in het zuiden van de gemeente liggen en de buurtschap Woolde ten westen van Hengelo. Hengelo vormt ruimtelijk gezien met Enschede, Borne en het Duitse Gronau een agglomeratie met bijna 400.000 inwoners.

Geologie en Landschap

De gemeente Hengelo ligt in het oostelijk zandgebied aan de rand van de stuwwal van Enschede binnen het bekken van Hengelo. In westen wordt het bekken begrensd door de begraven stuwwal van Delden en Borne. Het landschap, dat gevormd werd in het Saalien kenmerkt zich door een verbrokkeld reliëf als gevolg van de stuwende werking van het landijs. Op relatief korte afstand komen grote verschillen voor in hoogte, bodemtype en waterhuishouding. De hoger gelegen stuwwallen ten oosten van de gemeente liggen op zo'n 30 tot 50 meter boven NAP, terwijl de lager gelegen delen op circa 14 meter liggen. Door de relatief lagere ligging van Hengelo stroomt het grond- en beekwater vanaf de stuwwallen in westelijke richting, om vervolgens door de stuwwal van Delden en Borne in noordelijke richting af te buigen. Het dorp Hengelo ontstond rondom de plek waar drie beken, Berflobeek, Drienerbeek en Elsbeek bij elkaar komen.

In en om Hengelo bevindt zich relatief dicht, zo'n 300 tot 450 meter, onder het aardoppervlak een steenzoutlaag uit het Trias; de Rötformatie. Tijdens het Perm en een gedeelte van het Trias lag er ter hoogte van Nederland een binnenzee. Als gevolg van het warme en droge klimaar verdampte het water en bleef het opgeloste zout achter. Deze zoutlagen werden bij boringen naar zoetwater in 1886 nabij Delden per toeval ontdekt en sindsdien uit de bodem gehaald. Als gevolg van ongecontroleerde zoutwinning in de Tweede Wereldoorlog hebben hier en daar verzakkingen opgetreden.

Het landschap in en rond Hengelo bestaat uit dekzandruggen en beekdalen. Op een aantal plekken in het bekken van Hengelo is lichte tot zware klei afgezet in het Tertiair. In en om de stad zijn nog een aantal kleigaten terug te vinden, zoals het Castorbad en Weusthagbad in de Hengelose Es en Koningskleigat nabij het Twentekanaal.

Bevolking

De gemeente Hengelo telde in 2012 80.940 inwoners, waarvan het overgrote deel in de stad zelf woonde. Het buitengebied met daaronder de kern Beckum telde 1.955 inwoners. Hengelo is daarmee na Enschede de tweede stad in Twente en de vierde in Overijssel. Met een oppervlakte van 61,83 km² komt dit inwonertal neer op een bevolkingsdichtheid van ongeveer 1300 inwoners per km². Op basis van de omgevingsadressendichtheid, een door het CBS gehanteerde schaal om de stedelijkheid te bepalen, wordt Hengelo met 1.658 adressen per km² in 2012 als sterk stedelijk ingeschaald.

Bevolkingsontwikkeling
Tot halverwege de 19e eeuw kende Hengelo, net als de andere gemeenten in Twente een bescheiden bevolkingsgroei. Het dorp Hengelo telde bij de eerste landelijke volkstelling in 1795 678 inwoners en de buurschappen Beckum, Oele en Woolde, die later deel gingen uitmaken van de gemeente Hengelo, respectievelijk 308, 417 en 860 inwoners. Aan de vooravond van de komst van de Hengelose industrieën in 1859 telde de gemeente 3915 inwoners en had daarmee een vergelijkbaar inwonertal als Enschede, Oldenzaal, Almelo en Borne. In die tijd was Lonneker, dat toentertijd het grootste deel van de huidige gemeente Enschede omvatte, met ruim 8500 inwoners de grootste gemeente in de omgeving.

De komst van Stork en in het kielzog de andere industriële ondernemingen zorgde voor de groei van Hengelo. In 1889 was de bevolking, grotendeels door de toestroom van fabrieksarbeiders, maar ook door de annexatie van een deel van het grondgebied van de gemeente Lonneker, meer dan verdubbeld en rond de eeuwwisseling telde de gemeente circa 15.000 inwoners; alleen Enschede had meer inwoners. De groei van Hengelo zette ook na de eeuwwisseling door en kort na de Tweede Wereldoorlog was het inwonertal met bijna 46.000 verdrievoudigd. Na de oorlog zette de groei voort om net als elders in Nederland met de demografische transitie in het derde kwart van de 20e eeuw af te vlakken.

In 2000 passeerde Hengelo de 80.000 inwoners en sindsdien schommelt het inwonertal rond de 81.000 inwoners. De bevolking bereikte in 2007 vooralsnog een hoogtepunt met 81.426 inwoners. De prognose is dat de bevolking in de gemeente Hengelo zal groeien tot 85.000 in 2020 en tot circa 87.000 in 2040.

Samenstelling
Van de ruim 80.000 inwoners is 23,5 procent van de Hengeloërs 19 jaar of jonger. Het aandeel 65-plussers in Hengelo ligt op 17,6 procent. De demografische druk, dat is het aandeel personen in de leeftijdscategorieën 0 tot en met 19 en 65-plus ten opzichte van de productieve leeftijdsgroep, ligt met 69,7% boven het landelijk gemiddelde van 66,4%. De gemeente Almelo heeft met 70% een vergelijkbare druk, terwijl die van Enschede met 61,7% onder het landelijk gemiddelde ligt.

Circa 21 procent van de Hengeloërs is van allochtone afkomst. De stad ligt daarmee ongeveer op het landelijk gemiddelde en vier procent boven het Twents gemiddelde. Ongeveer 11,5 procent van de inwoners is niet-westers allochtoon en iets minder dan 10 procent westers allochtoon. De belangrijkste herkomstlanden van de allochtone bevolking zijn Turkije (5,87%), Duitsland (3,48%) en Indonesië (2,92%).

Bezienswaardigheden

Hengelo is een relatief jonge stad die pas in de negentiende eeuw tot groei kwam. De stad was in de Tweede Wereldoorlog vanwege de strategische ligging als knooppunt van spoorlijnen richting Duitsland en de aanwezigheid van industrieën regelmatig doelwit voor geallieerde bombardementen, waarbij het centrum grotendeels werd verwoest. Ook tijdens de wederopbouw zijn veel gebouwen afgebroken. Van de vooroorlogse binnenstad zijn daarom slechts fragmenten overgebleven. De havezate Huis Hengelo is reeds in de negentiende eeuw afgebroken en maakte plaats voor het fabrieksterrein van Heemaf. Tegenwoordig is er op de plek van de oude havezate een kunstwerk met de contouren van het Huis Hengelo te zien. De oude poort van het Huis Hengelo is bewaard gebleven en markeert tegenwoordig het landgoed Het Stroot in de buurtschap Twekkelo.

Herkenningspunten voor de binnenstad van Hengelo zijn de torens van de Sint-Lambertusbasiliek en het stadhuis. De in neogotische stijl gebouwde Sint-Lambertusbasiliek aan de Enschedesestraat dateert van 1890 en heeft een hoogte van bijna 80 meter. De kerk bleef tijdens de bombardementen in de Tweede Wereldoorlog grotendeels gespaard. Het stadhuis is een voorbeeld van de Delftse School en is opgenomen in het Beschermingsprogramma Wederopbouw 1959-1965. Het gebouw werd in 1963 opgeleverd en is geïnspireerd op het stadhuis van Stockholm. In de stadhuistoren bevindt zich een carillon met 47 klokken. Voor het stadhuis staat een door de Hengelose kunstenaar Pieter de Monchy ontworpen herdenkingsmonument. Het monument bestaat uit een in een vijver geplaatste natuurstenen beeld van twee handen die een duif vrijlaten. Ook andere delen van de binnenstad werden opgebouwd naar de ideeën van de Delftse School. De aan de markt gelegen winkelpanden Bischoff (tegenwoordig een poolcentrum) en Coöperatieve Samenwerking (tegenwoordig een discotheek) en de Telgenflat staan inmiddels op de gemeentelijke monumentenlijst.

Een concentratie van vooroorlogse bebouwing in het centrum is te vinden in de Pastoriestraat. Tegenwoordig is de Pastoriestraat een van de drukkere uitgaansstraten in de stad met veel cafés. In deze straat bevindt zich onder andere het circa 1650 gebouwde en oudste café van Hengelo, 't Neutje. De zijgevel van het pand is gemaakt van wilgentenen, leem, mest en stro. Het Dr. Poolhuis is vernoemd naar de Joodse dokter Pool, die in 1730 in Hengelo vestigde. Tijdens een restauratie van het huis kwam een middeleeuwse vloer tevoorschijn. Ook de dorpsboerderij het Thomassonhuis uit vermoedelijk de zeventiende eeuw bevindt zich in deze straat. Aan de Langestraat staat eveneens een dorpsboerderij, het Lambooyhuis. In de boerderij van het hallehuistype woonde kunstenaar Theo Wolvecamp. Tegenwoordig is er een kunstsociëteit gevestigd.

De voormalige hervormde waterstaatskerk aan de Deldenerstraat werd in 1839 gebouwd. De neoclassicistische kerk moest de rond 1500 gebouwde dorpskerk nabij het Huis Hengelo vervangen. Sinds begin jaren 90 doet de kerk dienst als concertzaal voor de muziekschool. Naast de waterstaatskerk en de Sint Lambertusbasiliek staat ook de Onze-Lieve-Vrouwekerk op de rijksmonumentenlijst. De kerk met zowel neogotische invloeden als kenmerken in de stijl van de Delftse School werd in 1927 ingezegend door de aartsbisschop van Utrecht. Andere markante kerkgebouwen in de stad zijn onder andere de Sint Raphaelkerk en de voormalige Bethlehemkerk.

De Oude Algemene Begraafplaats aan de Bornsestraat is de oudste begraafplaats in Hengelo. De begraafplaats ontstond rond de kapel van het Huis Hengelo en de oudste grafsteen dateert van 1625. Het poortgebouw met bijbehorende woning werd in 1885 gebouwd. Omdat de bestaande begraafplaats te klein werd, werd in 1910 buiten het centrum aan de Oldenzaalsestraat de nieuwe Algemene Begraafplaats naar ontwerp van Leonard Springer in Engelse landschapsstijl aangelegd. De neoclassicistische entree vormt de toegang tot de begraafplaats. Aan het einde van de achttiende eeuw verzocht de Joods gemeenschap in Hengelo om een eigen begraafplaats. Tot die tijd werden de overledenen op een gezamenlijke begraafplaats met de gemeenschappen in Delden en Borne in de buurtschap Buren begraven. Baron Mulert stelde de gemeenschap een stuk grond aan de huidige Dennenbosweg ter beschikking. De Amsterdamse tekenaar Fré Cohen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Borne ondergedoken was ligt hier begraven.

Het huidige derde treinstation van Hengelo werd in 1951 geopend. Het stationsgebouw is uitgevoerd in een constructie van gewapend beton en heeft enige gelijkenis met het station Enschede. De gietijzeren perronoverkapping dateert echter uit 1900 en heeft de status van rijksmonument. Bij de meest recente renovatie van het station in 2010 is de binnenzijde van het stationsgebouw aangepakt. Onder het westelijk deel van het perron loopt de Europatunnel. Deze tunnel werd in het kader van de wederopbouw aangelegd en is sindsdien nauwelijks gewijzigd, wat vrij bijzonder is voor spoorwegviaducten uit die periode.

Het industrieel erfgoed van Hengelo bevindt zich voornamelijk ten zuiden van het station Hengelo. Direct achter het station bevinden zich de kantoorgebouwen van Siemens AG, voorheen Stork en bevinden zich aan weerszijden van de Industriestraat de (voormalige) fabrieksgebouwen van Stork en Dikkers. De voormalige watertoren van Stork van 1917 aan de Lansinkesweg is geïntegreerd in de brandweerkazerne van de stad. Ook de voorloper van deze toren, de watertoren van 1902, is vanaf de weg nog te zien. Rond de voormalige ijzergieterij van Stork is in de jaren 2000 een school voor middelbaar beroepsonderwijs gebouwd. De firma Stork richtte en eigen fabrieksschool op om zo jonge arbeiders op te leiden voor verschillende functies binnen het bedrijf. In 1917 werd deze school gevestigd in de Wilhelminaschool, waar het Twents Techniekmuseum HEIM is gevestigd. Aan de achterzijde van de Wilhelminaschool bevinden zich nog twee koeltorens van de voormalige Stork krachtcentrale.

Als gevolg van de snelle economische groei in Hengelo aan het begin van de twintigste eeuw ontstond de noodzaak tot een goede huisvesting voor de arbeiders. Coenraad Frederik Stork deed inzichten op in Europa bij verschillende arbeiderscomplexen. Uiteindelijk op basis van de ideeën van het Agnetapark in Delft liet hij de architect Karel Muller plannen uitwerken voor de bouw van de wijk Tuindorp 't Lansink. De wijk is tegenwoordig een beschermd dorpsgezicht en diverse huizen staan op de rijksmonumentenlijst. Een ander bijzonder woningbouwcomplex is het door Piet Blom ontworpen De Kasbah aan de rand van de stad in de wijk Groot Driene uit 1973. In zijn ontwerpstudie zocht Blom naar een stedelijke woon- en werkomgeving waarin sociale contacten werden bevorderd. De woningen werden op palen gebouwd, waardoor de begane grond vrijkwam voor gemeenschappelijke voorzieningen.

Vanaf 1933 begon de Koninklijke Nederlandse Zoutindustrie met zoutboringen in het zuidoosten van Hengelo. Voor het oppompen van het zout verrezen er verschillende boortorens in het landschap. De oude houten torens zijn inmiddels niet meer in gebruik en vervangen door kleine huisjes, van waaruit het zout wordt opgepompt. Drie van de oude houten torens zijn als rijksmonument aangewezen. Ook de schutsluis Hengelo als onderdeel van het sluiscomplex De Waarbeek in het Twentekanaal staat op die monumentenlijst.

Nabij de buurtschap Oele bevond zich vroeger een van de zes havezaten die het richterambt Delden rijk was. De in 1690 gebouwde korenwatermolen Oldemeule herinnert nog aan deze inmiddels verdwenen en gelijknamige havezate. De gronden rondom de havezate behoren tot de landgoed Twickel dat deels op Hengelo's en Deels op Deldens grondgebied ligt.

De geschiedenis en cultuur van Hengelo wordt belicht in het Historisch Museum Hengelo. Het museum, dat in 1976 als oudheidkamer Oald Hengel van start ging, is gevestigd in een oude patriciërswoning aan de Beekstraat. De collectie bestaat uit onder andere textiel en koperwerk van de firma Dikkers. Daarnaast bezit het museum een omvangrijk archief en organiseert het regelmatig stadswandelingen. Het Twents Techniekmuseum HEIM ontstond als Hengelo's Educatief en Industrieel Museum uit de werkgroep industriële archeologie van Oald Hengel. Met ondersteuning van Hollandse Signaalapparaten en Holec ging het museum in 1983 in het voormalige Twentsch Centraal Station aan de Bornsestraat van start. Sinds 2005 is het museum in de voormalige Wilhelminaschool aan de Industriestraat gevestigd. In het museum wordt de Twentse textiel- en (elektro)techniekhistorie getoond.

Naast het historisch museum en 't HEIM zijn er nog een aantal andere musea te vinden in de stad. In het Electro Radio Nostalgie Museum staat de geschiedenis van de radio en geluidsregistratie centraal. Het Piet Blom museum dat in De Kasbah is gevestigd, houdt het gedachtegoed van de architect Piet Blom levend.

Fil, Theather en Muziek
Aan de Beekstraat in Hengelo is de bioscoop Cinema Hengelo gevestigd. Het bioscoopgebouw met opvallende betongevel werd in 2004 geopend als opvolger van Bellevue. Het Filmhuis Hengelo is een vrijwilligersorganisatie die in 1990 is ontstaan en arthousefilms vertoont in het Rabotheater. Een andere belangrijke publiekstrekker voor films is CineStar met 10 zalen aan de rand van Enschede.

Tegenover de voorzijde van het station bevindt zich het Rabotheater, waar naast films ook theater- en muziekevenementen worden georganiseerd. Het theater opende in 2001 zijn deuren en is de opvolger van de schouwburg die voordien op deze locatie was gevestigd. Aan de achterzijde van het station is Poppodium Metropool gevestigd, dat tot een van de kernpodia van Nederland wordt gerekend.

Er zijn ook diverse expositieruimtes voor beeldende kunst, zoals het Kunstcentrum Hengelo, Galerie de Pook, Galerie Lans-Uylen, Gallery Signaal en Kunstsociëteit Lambooijhuis. Ook is er een vestiging van de landelijke kunstuitleenorganisatie SBK.

Economie

De gemeente Hengelo heeft een winkelvloeroppervlak van circa 190.000 m², wat meer dan gemiddeld is voor kernen van vergelijkbare omvang. Het winkelaanbod is verspreid over het centrum, Westermaat Plein en diverse wijk- en buurtcentra. Het winkelhart van Hengelo bevindt zich in het centrum met als belangrijkste winkelgebied de Enschedesestraat, Markt, Telgen, Brinkstraat en Nieuwstraat. Met name modezaken zijn goed vertegenwoordigd in het centrum. Andere veelvoorkomende winkeltypen zijn levensmiddelen, juweliers, opticiens, schoenen en lederwaren.[34] De winkelleegstand in het centrum van Hengelo als gevolg van een sterk veranderend koopgedrag, de economische omstandigheden, online aankopen en ontwikkelingen in de periferie ligt boven het landelijk gemiddelde. In de stad is sprake van een structurele leegstand.

Op woensdag en op zaterdag is er een warenmarkt in Hengelo op het Marktplein. De binnenstad kent jaarlijks 16 koopzondagen, terwijl de winkels aan Westermaat Plein elke zondag de deuren mogen openen.

In de jaren 90 veranderde het rijksbeleid ten aanzien van detailhandel. Waar voorheen de detailhandel voornamelijk in de binnensteden moest worden geconcentreerd, wees de rijksoverheid met dit nieuwe beleid dertien locaties in Nederland aan voor grootschalige detailhandelsvestigingen. Het Westermaat Plein dat ingeklemd ligt tussen de A1 en Borne is een van deze dertien locaties. Op het terrein zijn grootschalige winkels gevestigd met een vloeroppervlak van ten minste 1.500 m². Het totale winkelvloeroppervlak beslaat ruim 42.000 m² en onder andere Ikea, Media Markt en Intersport hebben hier een vestiging. Westermaat Plein is daarmee na het centrum het grootste winkelgebied van Hengelo. Een belangrijk deel van de bezoekers is afkomstig uit Duitsland.

Video's over Hengelo